Verblijf

Spaans onderwijssysteem uitgelegd voor Nederlandse ouders

· Door Henry van Es · ← Terug naar blog
Spaans onderwijssysteem uitgelegd voor Nederlandse ouders

Veel ouders denken dat school in Spanje gewoon school is. Dezelfde leeftijden, dezelfde opbouw, zelfde aanpak. Maar als je kind op de eerste dag binnenstapt, merk je al snel dat het systeem anders in elkaar zit dan je gewend bent.

Hoe het systeem eruitziet

Het Spaanse onderwijs begint al vroeg. Kinderen van 0 tot 3 jaar kunnen naar de guarderÍa, een crèche die ook gekoppeld kan zijn aan een school. Dat is niet gratis en lang niet overal beschikbaar. Daarna volgt de Educación Infantil, de kleuterfase van 3 tot 6 jaar. Die is officieel niet verplicht, maar in de praktijk gaat bijna ieder kind. Op openbare scholen is het gratis.

Vanaf 6 jaar begint de Educación Primaria, de basisschool. Die duurt zes jaar, dus tot 12 jaar. Dan volgt de ESO: Educación Secundaria Obligatoria. Dat is de middelbare school die alle leerlingen verplicht doorlopen, van 12 tot 16 jaar. Vergelijk het met de onderbouw van het voortgezet onderwijs in Nederland, maar dan zonder niveauverdeling in de eerste jaren.

Na de ESO splitst het pad. Leerlingen kiezen voor de Bachillerato, een tweejarig voortraject gericht op de universiteit, of voor de Formación Profesional, beroepsonderwijs. De Bachillerato sluit af met de Selectividad, het Spaanse eindexamen waarmee je toegang krijgt tot de universiteit.

Geen niveauverschillen zoals in Nederland

Dit is het punt waar veel Nederlandse ouders even van schrikken. In Nederland gaat een kind op zijn twaalfde naar vmbo, havo of vwo. Dat systeem bestaat in Spanje niet. Alle kinderen zitten samen in de ESO, ongeacht niveau. Pas na de ESO maak je een keuze.

Dat klinkt gelijk, maar in de praktijk zijn er wel verschillen. Scholen kunnen leerlingen die achterblijven een jaar laten overdoen. Wie de ESO niet haalt, kan via een alternatieve route alsnog een startkwalificatie halen. Maar het ontbreken van vroege niveauselectie betekent ook dat je kind in een klas zit met een heel breed spectrum aan leerlingen.

Openbaar, semi-privé of volledig privé

Spanje heeft drie soorten scholen. De colegios públicos zijn openbare scholen, betaald door de overheid en gratis voor leerlingen. De colegios concertados zijn semi-private scholen: ze ontvangen overheidssubsidie maar worden vaak gerund door een stichting, religieuze organisatie of vereniging. In theorie gratis, maar in de praktijk vragen ze vaak bijdragen voor activiteiten, materialen of buitenschoolse zaken. De colegios privados zijn volledig private scholen, zonder overheidssubsidie. Daar betaal je volledig zelf.

Veel Nederlandse gezinnen kiezen voor een colegio concertado omdat die een ander profiel kunnen hebben dan de openbare school, of simpelweg omdat de dichtstbijzijnde goede school toevallig concertado is. Let op: bij populaire scholen is er een inschrijfsysteem met puntentelling op basis van woonplaats, broertjes of zusjes op dezelfde school en andere criteria. Vroeg beginnen met oriënteren loont.

Ouders met schooldocumenten bij inschrijving op een Spaanse school als expat.

Wat je kind nodig heeft om in te schrijven

Voor inschrijving heb je een aantal documenten nodig. In elk geval het bewijs van empadronamiento, de inschrijving in het bevolkingsregister van je gemeente. Zonder dat kom je nergens. Verder het geboortebewijs van je kind, en soms een vertaling met apostille als het document uit Nederland komt. Een gestor kan je helpen om buitenlandse documenten correct te laten legaliseren en vertalen, zodat je niet voor verrassingen staat op het gemeentehuis.

Soms vraagt de school ook om een vaccinatiebewijs. Het Nederlandse vaccinatieprogramma wijkt op een paar punten af van het Spaanse, maar dat levert doorgaans geen problemen op. Neem het Nederlandse Rijksvaccinatieprogramma-overzicht mee en laat je huisarts desnoods een Engelstalig of Spaanstalig overzicht opstellen.

De taal: groter struikelblok dan gedacht

Je kind hoeft geen Spaans te spreken om te worden toegelaten. Maar het systeem verwacht wel dat het snel meekomt. Veel scholen hebben geen speciale opvang voor kinderen die de taal niet spreken. In de praktijk betekent dat: de eerste maanden zijn zwaar, maar jonge kinderen pikken talen razendsnel op.

Woon je in een regio met een tweede officiële taal, zoals Catalaans in Catalonië, Baskisch in het Baskenland of Valenciaans in de Valencian Community, dan is de situatie complexer. In die regio's is het onderwijs vaak gedeeltelijk of grotendeels in de regionale taal. Sommige scholen bieden meer Spaans, andere meer Catalaans. Informeer hier goed naar voor je een school kiest.

Schooltijden en lunchen

De Spaanse schooldag ziet er anders uit dan de Nederlandse. Op de meeste openbare scholen is er een uitgebreide lunchpauze van twee uur, van 14.00 tot 16.00 uur. Sommige scholen bieden een comedor, een schoolkantine, maar dat is niet overal beschikbaar en kost extra. Veel kinderen gaan in die tijd naar huis. Dat werkt als je vlakbij woont of als een ouder thuis is, maar voor werkende expats kan dit een logistiek vraagstuk zijn.

Steeds meer scholen schakelen over op een jornada continua, een doorlopende schooldag van 9.00 tot 14.00 uur zonder lange lunchpauze. Dat is fijn voor ouders, maar niet alle scholen hebben die optie. Het verschilt per gemeente en per school.

Wat kost het

Een openbare school is gratis, maar rekening nul bestaat zelden. Boeken, schoolmateriaal, uitjes en activiteiten kosten geld. Gemiddeld rekenen ouders op 200 tot 400 euro per jaar voor een kind op de openbare basisschool. Op concertado-scholen ligt dat hoger, soms richting 600 tot 1.000 euro, afhankelijk van wat de school vraagt.

Privéscholen en internationale scholen kosten een stuk meer. Internationale scholen met een Nederlands of Engelstalig programma zitten al snel op 5.000 tot 15.000 euro per jaar. Of dat de moeite waard is hangt af van hoe lang je van plan bent in Spanje te blijven en hoe belangrijk het is dat je kind het Nederlandse onderwijssysteem blijft volgen.


Headerfoto: Pavel Danilyuk via Pexels | Foto: Pixabay via Pexels

Henry van Es Woont in La Drova (Valencia), Spanje. Schrijft over wat er verandert voor Nederlanders en Belgen hier — van belasting en zorg tot wonen en verblijfsrecht. Lees meer over de auteur →