Je bent vijftig, woont al jaren in Spanje, en pas als iemand je ernaar vraagt realiseer je het je: je hebt geen idee hoe je pensioen er op dit moment voor staat.
Dat is geen uitzondering. Het is eerder de regel bij Nederlanders en Belgen die naar Spanje zijn verhuisd. Het pensioensysteem hier werkt anders dan thuis, en de gevolgen van een paar jaar niet goed opletten kunnen groot zijn.
Hoe de AOW werkt als je in Spanje woont
De AOW is een Nederlandse uitkering die je opbouwt zolang je in Nederland verzekerd bent voor de volksverzekeringen. Je bouwt elk jaar dat je verzekerd bent twee procent op. Na vijftig jaar ben je op honderd procent.
Woont en werkt je in Spanje? Dan ben je in principe niet meer verzekerd in Nederland. Dat betekent: geen AOW-opbouw over die jaren. Voor elke jaar dat je niet verzekerd bent, mis je twee procent van de volledige AOW. Tien jaar in Spanje zonder verzekering kost je dus twintig procent.
Je kunt je vrijwillig blijven verzekeren bij de Sociale Verzekeringsbank (SVB) in Nederland. Dat kan tot tien jaar na je vertrek. De premie betaal je zelf. Op de website van de SVB zie je wat dat kost en hoe je dat aanvraagt.
Heb je al een AOW opgebouwd en wil je weten hoe die uitbetaald wordt vanuit Spanje? Kijk dan even naar het artikel AOW ontvangen vanuit Spanje: dit moet je regelen voor de praktische stappen.
Het tweede pensioenpijler: je werknemerspensioen
In Nederland is het werknemerspensioen, het pensioen via je werkgever, verplicht. In Spanje bestaat er geen vergelijkbare verplichting. Sommige cao's in Spanje bevatten een pensioenbijdrage, maar lang niet allemaal.
Als je in loondienst werkt bij een Spaans bedrijf, kijk dan of er een fondo de pensiones, een aanvullend pensioenfonds, is geregeld. Niet alle werkgevers bieden dat aan. Als het er is, kun je er doorgaans zelf ook extra in storten.
Werk je voor een Nederlandse werkgever vanuit Spanje? Dan hangt het af van je contract en je belastingstatus. In sommige gevallen loopt je Nederlandse pensioenopbouw gewoon door. In andere gevallen niet meer. Vraag dit na bij je werkgever of een pensioenadviseur die grensoverschrijdend werkt.
Als autónomo: je eigen pensioen regelen
Ben je zelfstandige in Spanje, een autónomo, dan is er geen werkgever die iets voor je regelt. Je bouwt geen verplicht aanvullend pensioen op. Je bijdragen aan de Spaanse sociale zekerheid (het RETA-systeem) geven je wel recht op een staatspensioen, het zogenaamde pensión de jubilación, maar dat is vaak lager dan wat je als werknemer zou opbouwen.
Wat je zelf kunt doen:
- Fondo de pensiones individueel: Je kunt als particulier een eigen pensioenfonds openen bij een Spaanse bank of verzekeraar. De inleg is tot een bepaald bedrag aftrekbaar van je IRPF, de Spaanse inkomstenbelasting. In 2025 mag je tot 1.500 euro per jaar aftrekken voor jezelf. Heb je een werkgever die ook bijdraagt, dan ligt het maximum hoger. - PEPP (Pan-European Pension Product): Dit is een Europees pensioenproduct dat steeds beschikbaarder wordt via verzekeraars en banken. Het idee is dat je het meeneemt als je naar een ander EU-land verhuist. Handig als je niet zeker weet of je de rest van je leven in Spanje blijft. - Beleggen buiten pensioenproducten: Sommige mensen kiezen voor een gewone beleggingsrekening of spaarverzekering. Dat geeft meer flexibiliteit, maar je mist de belastingvoordelen die een fondo de pensiones wel biedt.
Hoeveel heb je nodig?
Dat is een vraag die niemand je precies kan beantwoorden zonder meer te weten over je situatie. Maar een grove rekensom helpt.
Stel: je wil straks 1.500 euro per maand netto hebben. Vanuit AOW ontvang je misschien 800 euro, afhankelijk van hoeveel je hebt opgebouwd. Dan moet de rest, zo'n 700 euro per maand, ergens vandaan komen. Dat is 8.400 euro per jaar. Om dat dertig jaar vol te houden heb je ruwweg 250.000 euro nodig, zonder rendement meegerekend.
Die som voelt misschien groot. Maar wie op zijn veertigste begint met tweehonderd euro per maand te sparen en dat redelijk belegt, komt een heel eind.
Wat het verschil maakt: vroeg beginnen of slim structureren
Het mooie van pensioenfondsen in Spanje is de belastingvoordeel. Je betaalt nu minder belasting over je inkomen, en je betaalt later belasting als je het geld opneemt. Als je nu in een hogere belastingschijf zit dan straks, scheelt dat echt iets.
Het nadeel is dat het geld vaststaat tot je pensioenleeftijd. Je kunt er in principe pas bij als je met pensioen gaat, of in een paar uitzonderingssituaties zoals langdurige werkloosheid of ernstige ziekte.
Wil je meer flexibiliteit, dan kun je ook sparen buiten een pensioenfonds. Je belastingvoordeel is dan kleiner, maar je zit niet vast.
Voor wie is dit het meest urgent?
Als je hier pas net woont, is het slim om dit nu te regelen. Als je hier al lang woont en er nooit serieus naar hebt gekeken, is het verstandig om je AOW-stand op te vragen bij de SVB en te kijken of je nog kunt bijverzekeren.
Ben je net gepensioneerd of bijna? Dan gaat het er vooral om dat je weet wat je kunt verwachten en of je voor je Spaanse zorg goed verzekerd bent. Het S1-formulier is daarvoor een belangrijk document als je AOW of ander Nederlands pensioen ontvangt.
Eén ding is zeker: pensioen is geen onderwerp dat je kunt uitstellen tot het bijna zover is. Hoe eerder je de stand van zaken kent, hoe meer keuzes je nog hebt.